Lees verder

De coöperatie is een vereniging van leden die samen een onderneming drijven. Daarin verschilt de coöperatie van andere ondernemingen. Het idee is dat bestuurders voor hun werkzaamheden een bezoldiging ontvangen van de coöperatie, die wat betreft hoogte en structuur zodanig is dat gekwalificeerde bestuurders kunnen worden aangetrokken en behouden. Doorgaans stellen de leden de bezoldiging van de commissarissen en/of bestuurders vast. De bezoldiging van de functionarissen is hierbij is niet afhankelijk van de resultaten van de coöperatie.

Wat is een eerlijke vergoeding voor bestuurders en toezichthouders van coöperaties? Vergoedingen moeten in verhouding zijn met de taken en verantwoordelijkheden die bij de functie horen. Omdat bestuursfuncties veelal door leden worden opgevuld, kan het zijn dat deze soberder beloond worden dan bij andere ondernemingsvormen. Dit omdat de leden eigenaar zijn van de coöperatie, en zij dus hun eigen bedrijf besturen.

Vergoedingen kunnen gezien worden als een middel om goede bestuursleden te kunnen aantrekken én behouden. Bij veel coöperatieve ondernemingen ontvangen bestuurders en toezichthouders een vergoeding, al dan niet in combinatie met een onkostenvergoeding of andere voorwaarden. Ook ledenraadsleden, jongerenraadsleden en leden die zich bijvoorbeeld voor ledenadviescommissies inzetten ontvangen veelal vacatievergoedingen of presentiegelden. Toch zijn er ook coöperaties die geen (onkosten)vergoedingen verstrekken. Naarmate coöperaties toenemen in omvang en complexiteit, nemen vaak ook de tijd en bezoldiging die aan een bestuursfunctie gekoppeld zijn toe.

Grote verschillen

Er zijn grote verschillen tussen coöperaties, in grootte, in complexiteit, qua bestuursmodel of in type leden. Ook de verschillen in hoogte en systematiek van de gehanteerde beloningen kunnen groot zijn. In sommige gevallen besteden bestuurders of toezichthouders een groot deel van hun tijd aan de coöperatie. Tijd die ze daardoor bijvoorbeeld niet meer voor hun eigen onderneming beschikbaar hebben. Maar ook voor andere bestuurders en toezichthouders geldt dat het werk voor de coöperatie zich niet beperkt tot de vergaderingen. Door de beweging naar transparantie en verantwoordelijkheid in de bestuurskamers zijn bestuurders in toenemende mate aanspreekbaar op hun functioneren. Bestuurders kunnen eventueel zelfs aansprakelijk gesteld worden.

Bij agrarische coöperaties werd de vergoeding vaak gebaseerd op de kosten van de inhuur voor vervangende arbeid op het eigen bedrijf. Deze tijden zijn inmiddels voorbij. Tegenwoordig bepaalt de zwaarte van de bestuursfunctie de hoogte van de vergoeding. Een complexere omgeving en zwaardere verantwoordelijkheid rechtvaardigen dus een hogere vergoeding.

In de statuten wordt, afhankelijk van het bestuursmodel, meestal bepaald op welke wijze de vergoedingen worden vastgesteld. Als er geen statutaire regels bestaan, dan zal de algemene ledenvergadering hierover beslissen.

Professionele bestuurders

Net als andere ondernemingen worden veel coöperaties geleid door een professionele directie. In een aantal gevallen vormt deze directie ook het coöperatiebestuur. Dit is vaak het geval als een coöperatie te complex of tijdrovend wordt om dagelijks door de leden bestuurt te worden. Ook in raden van commissarissen worden vaak externen aangenomen met bepaalde expertises waar de leden zelf geen invulling aan kunnen geven.

De coöperatie heeft een langetermijnfocus: langetermijndoelen zijn belangrijker dan kortetermijnresultaten. Daarbij is winst een middel en geen doel. De coöperatie bestaat in het belang van haar leden. Het kenmerk is gezamenlijk ondernemen en dat betekent logischerwijs oog voor belangen van alle betrokkenen en voor de lange termijn. Daar horen duurzame vormen van belonen bij die niet alleen over het financiële belonen gaan, maar ook over het leveren van toegevoegde waarde voor leden met oog voor maatschappelijke effecten.